Tijm, rozemarijn, salie

Tijm, rozemarijn, salie

Ja, tijm, rozemarijn en salie staan het liefst in de zon en smaken heerlijk bij barbecuegerechten

Het woord ‘kruid’ betekent eigenlijk ‘kruidachtige plant’, dus een plant die geen houtige stam of stengels vormt, maar er zijn genoeg keuken-, verf-, medicinale en andere kruiden die wel houtvezels vormen. Tijm bijvoorbeeld en laurier, lavendel en hyssop. Het woord ‘kruiden’ betekent bij ‘keukenkruiden’ dan ook: planten die in de keuken worden gebruikt om het eten te kruiden (meer smaak te geven). Het leuke is dat bijna alle keukenkruiden ook een medicinaal effect hebben. Dus je kruidt je eten niet alleen om het lekkerder te maken, maar ook gezonder. Deze week biedt GroenRijk speciaal een drietal keukentoppers uit een enorm lange reeks keukenkruiden aan: tijmsoorten (Thymus), rozemarijn (Rosmarinus) en keukensalie (Salvia) krijgen deze week alle aandacht. Gezond, lekker en mooi!

Toen de heelmeester en ziener Nostradamus (Michel de Nostradame; hij leefde begin 16e eeuw in Zuid-Frankrijk) met succes en onverschrokken slachtoffers van de pestepidemieën (de Zwarte Dood) in zijn woonplaats hielp, beschermde hij zichzelf met een wolk van kruidengeur van o.a. tijm, rozemarijn en salie. Hij droeg daarvoor een vest gevuld met die sterk geurende kruiden. En het hielp. Hij werd zelf niet ziek en met dezelfde kruiden genas hij veel van zijn patiënten. Het geheim zal zeker ook de antiseptische (bacteriedodende) werking van de kruiden zijn geweest. Die werking hebben ze nu nog. De werkzame stoffen zitten vooral in de etherische (vluchtige olie) die je in veel kruiden aantreft. De helende werking daarvan is vaak extra krachtig in de vorm van thee of een ander extract. Tegenwoordig is het maken van muntthee door een bosje muntbladeren in heet water te dompelen, al aardig ingeburgerd. Maar dat kan met andere kruiden ook. Tijm- en saliethee helpen bijv. geweldig tegen hoest en vastzittend slijm. Rozemarijn vooral bij problemen met de spijsvertering. In een goed tuinkruidenboek kom je het allemaal tegen. En als het goed is, kan jouw dokter er ook veel over vertellen. Een eigen kruidentuintje krijgt dan ineens veel meer mogelijkheden dan voor het eten alleen. Begin met de oergezonde tijm, rozemarijn en salie die GroenRijk nu voor je heeft.

In elke tuin hoort tijm thuis
Er is siertijm en echte goede keukentijm. De zogenaamde wilde tijm (Thymus vulgaris) heeft de sterkste geur. Er zijn verschillende cultivars van. Thymus serpyllum, Thymus pulegioides en citroentijm (Thymus × citriodorus) zijn ook heel goede soorten. Van allemaal zijn er tal van cultivars die heerlijk, maar ook verschillend geuren. Sommige krijgen witte, maar de meeste roze bloemen waar in de tuin massa’s bijen op afkomen. Tijmsoorten zijn er in lage, bijna kruipende vormen en als kleine, opgaande struikjes. Als ze eenmaal goed in je tuin groeien (op een zonnige, warme plek in goed doorlatende grond), heb je er bijna geen omkijken meer naar. Geef ze in het voorjaar wat organische basismest en breng dan ook wat mulch (bladaarde of compost) rond de planten aan. Herhaal het mulchen in het najaar nog eens. Dan redden de planten zichzelf verder prima. Ze kunnen aardig wat droogte hebben, alleen met strenge vorst hebben ze moeite. Dek ze dan licht af (bijv. met tuinvlies). Van tijm kun je jarenlang plezier hebben. Er zijn mensen die zelfs het grasveld vervangen door een groot tijmbed. De geur die je daarmee in je tuin krijgt, is overweldigend!

Rozemarijn vraagt iets meer zorg
Rozemarijn (Rosmarinus officinalis) heeft de neiging om tot vrij grote en dan wat kaal wordende struiken uit te groeien. Dat kun je heel eenvoudig voorkomen door de struikjes in de lente te snoeien (ieder voorjaar de drie oudste takken wegnemen). Dan blijft hij mooi compact. Je kunt met rozemarijn zelfs lage haagjes maken. Er zijn diverse vormen die met verschillende kleuren bloeien (wit, roze of vooral blauw). De winterhardheid van deze mediterrane struikjes is vergelijkbaar met die van lavendel, maar ook die wisselt per cultivar (van –5 tot –10 °C). Plant jouw rozemarijn op een plek in de volle zon en in goed doorlatende, liefst wat kalkrijke grond (meng er anders wat kalk doorheen). Rozemarijn houdt niet van natte, zware, lang koude grond. De maten van de verschillende cultivars wisselen van maximaal 45 cm hoog (en even breed) tot wel 2 m hoog (ongesnoeid). GroenRijk heeft ze in een mooie, compacte maat voor je in de aanbieding. Het zijn prachtige planten met smal, bijna naaldachtig groen blad. Ze bloeien geweldig. En geen keukenprins(es) die rozemarijn niet kent! De geur is fantastisch (ook op de BBQ).

Een kruidentuin zonder salie is ondenkbaar
Er is waarschijnlijk geen ander kruid waarbij zoveel keuze en verschil (in uiterlijk, geur en smaak) bestaat als bij salie (Salvia). Je moet voor de keuken niet de sier- maar de keukensalies hebben. Ze zijn er met groen, paars, geel, grijsachtig en veelkleurig bont blad. De meeste en de beste winterharde zijn allemaal cultivars van de echte keukensalie (Salvia officinalis). Die heeft GroenRijk nu dan ook speciaal voor je klaar staan. Het zijn prachtige planten. De bloei is wat minder opvallend, de bladkleuren des te meer. In de keuken is het overbekende salie-ui-mengsel al een oeroud, overbekend ingrediënt in tal van gerechten. De mooie lipbloemen (meestal blauwpaars) hebben een wat zachtere smaak. Die kun je ook in salades toepassen. Lekker!  De meeste cultivars (zeker die van GroenRijk) zijn behoorlijk winterhard (sommige tot –20 °C). Plant ze in de volle zon, in goed doorlatende, vruchtbare grond. Geef in het voorjaar een lekkere, organische basisbemesting. Snoei de planten dan ook flink terug (dat kan prima tot op 20 cm boven de grond). De eindmaten van de cultivars wisselen van 30 tot 80 cm hoogte. Prachtig om gevarieerde groepen van te maken (sommige liefhebbers leggen er hele collecties van aan), maar alles begint altijd met één plant. Dat is ook al heel leuk (en lekker!).

TIPS
-    Gebruik bij kruiden liefst alleen organische meststoffen.
-    Je kunt de aangeboden kruidenplanten ook heel goed in potten en bakken kweken (ook op het balkon of terras).
-    Kies voor de planten een warme, zonnige plek vlak bij de keuken of barbecueplek, zodat je er makkelijk vers gebruik van kunt maken. Hoe verser hoe lekkerder!